Tentoonstelling over strip en ruimtevaart in Brussels Stripmuseum

(De Morgen, 25-10-2007) In Het Belgisch Centrum voor het Beeldverhaal (BCB) opent Verbeelding van de ruimte, ruimte voor verbeelding, een kleine expo omdat vijftig jaar (en enkele weken) geleden de Spoetnik een nieuw tijdperk inluidde. De pleitbezorger van het project is vaderlandse astronaut Dirk Frimout.

De tentoonstelling is netjes in twee luiken verdeeld: het ene richt zich op de werkelijkheid, het andere op de verbeelding.

De werkelijkheid begint natuurlijk in 1957, het jaar dat de eerste Trabant, de publicatie van On the Road en de eerste Tourzege van Jacques Anquetil het in de volksverbeelding moesten opnemen tegen de ‘bipbip’-signalen die de Spoetnik vanuit een baan om de aarde uitzond. Dat die nieuwe queeste van de mens de geesten decennialang beroerde blijkt ten overvloede uit de veelvuldige reproducties van didactische strips voor het jonge volkje.
Velen onder u herinneren zich allicht nog de heroïsche stripavonturen van piloten als Buck Danny en Dan Cooper. De eerste mocht bijvoorbeeld plaatsnemen in de X-15, een experimenteel raketvliegtuig. In het BCB zijn dan ook enkele foto’s te zien van de reportage die scenarist Jean-Michel Charlier maakte op de dag dat Neil Armstrong zijn vijfde vlucht met het toestel maakte. Cooper heeft meer in de ruimte vertoefd, in albums als 3 kosmonauten of S.O.S. in de ruimte. En het was toch een gevaarlijk beroep, meneer! Het zoontje van Coopers medeastronaut Kid Dereika uit aan moeder de vrouw zijn wens om ooit “papa te vergezellen”. Moeder kijkt bang naar tv en antwoordt: “Ooit misschien! Oh! God behoude je, jongen!”
En ook uit grappen en grollen blijkt dat de race naar de ruimte de geesten beroerde. Marc Sleen lanceert in Nero’s avontuur De driedubbel gestreepte het hemellichaam Telstar Zatte Liet, een meer dan duidelijke verwijzing naar de eerste communicatiesatelliet. Kameraad Adhemar leert daarmee de Russen via de buis de geheimen van hutsepot, waterzooi, stoofkarbonaden in bruin bier, Lierse vlaaien en Gentse mokken. Tot het Rode Leger zich moeit met die “westerse propaganda” op de buis. Willy Vandersteen knalt dan weer een soort Spoetnik tegen het achterhoofd van zijn Prinske.
Op de persconferentie was gisteren ook Dirk Frimout, die met de Euro Space Society waarvan hij voorzitter was de aanzet tot de tentoonstelling gaf. “Het valt me op dat stripmakers zich vaak juist geïnformeerd hebben als ze ruimtevaart in hun verhalen verwerken. Je kunt de geschiedenis van de ruimtevaart makkelijk uit stripverhalen afleiden. Daarnaast doen strips ook dromen. Mijn eigen kennis van ruimtestrips beperkt zich helaas tot Buck Danny en natuurlijk Hergés Raket naar de maan en Mannen op de maan.”
Maar ondertussen is Frimout wel zelf stripastronaut. De tentoonstelling toon enkele pagina’s uit het Suske en Wiske-verhaal De stervende ster, waarin hij de vlucht van de bekende helden begeleidde en de alien Klomo zijn diepste geheimen als een open boek leest. “Hij eet graag loempia’s maar heeft een hekel aan currysaus en bitterballen. Zijn hobby’s zijn jogging en schaken.” In Wasterlains reeks Sarah Spits mag Frimout zelfs mee naar Mars.
De nadruk ligt in het BCB overduidelijk op de teksten bij het geschiedenisstuk, met daarbij enige objecten, zoals het stukje maansteen dat president Nixon in 1973 schonk aan koning Boudewijn en het Belgische volk of het ruimtepak dat ooit gedragen werd door astronaut Owen Garriott. De Kuifjeraket en de levensgrote Kuifje, Zonnebloem en Haddock in ruimtepak in de inkomhal van het museum behoren niet tot de expo, want de Maanalbums dateren van enige jaren voor de behandelde periode, 1957 tot nu. Spijtig, te meer omdat het zonder meer toch een van de meest iconische strips over de ruimte is.
Het aantal originelen is trouwens erg beperkt op deze expo die meer info biedt over ruimtevaart dan over de strips. Bij de schaarse originele stripplaten zijn er wel enkele mooie, zoals de Spirou-cover van Franquin waarin Guust Flater een waterboiler zo aansluit dat het toestel op eigen houtje in een baan om de aarde belandt. Franquins Zwartkijken-gag waarin een grote boodschap in een ruimtestation gevaarlijk blijkt, is ook van de partij.
Maar de mooiste is die van de ruimtesmurf. U en ik weten dat zijn blauwe soortgenoten van drie appels hoog zijn hele ruimtereis in scène hebben gezet. De plaat waarin hij in een nachtelijk kraterlandschap (eigenlijk gewoon op aarde) de deur van zijn raket opent en dolblij uitroept “Ik… Ik ben op een andere planeet” doet ongetwijfeld meer ukken van sterrenreizen dromen dan alle kille geschiedenislessen. En anders kunnen ze nog altijd striptekenaar worden.
De expo is tot 10 februari dagelijks (behalve maandag) van 10 tot 18 uur te bezoeken in het BCB, Zandstraat 20, 1000 Brussel, www.stripmuseum.be.
Astronaut Dirk Frimout:

Je kunt de geschiedenis van de ruimtevaart makkelijk uit stripverhalen afleiden. Daarnaast doen strips ook dromen

(door Kris Jacobs De Morgen van  25 oktober 2007)

Tagged with →  
Share →

Geef een reactie

Logo De LijnMet het openbaar vervoer is 't Vlaams Stripcentrum vlot bereikbaar. Klik op de titel of de afbeelding om naar de routeplanner te gaan.
Lidgeld betalen online? Het kan hier.

Lidgeld betalen online? Het kan hier.